Het circus als metafoor – Romeo en Julia in het Amsterdamse Bos

Op het enorme toneel van het Amsterdamse Bostheater liggen een aantal grote slurven waarmee je normaal het vliegtuig inloopt naast en over elkaar. Ze vormen zo de muren rond een soort stadsplein. Gekregen van hoofdsponsor Schiphol, vertelt Ingejan Ligthart Schenk.

Ligthart Schenk is artistiek leider en regisseur van het Amsterdamse Bostheater dat elk jaar in juli en augustus een grootschalige productie maakt in het eigen openluchttheater. Dit jaar is dat de Shakespeareklassieker ‘Romeo en Julia’. Daarin wordt samengewerkt met muziektheatergezelschap de Veenfabriek en TENT circustheaterproducties.

Ligthart Schenk: “We maken maar een voorstelling per jaar en we hebben geen vast ensemble. Daarom zoeken we per productie andere partners. Daardoor heeft het publiek elk jaar weer een goede reden om hier te komen.”

Toen Ligthart Schenk erover dacht om ‘Romeo en Julia’ te maken, kwam al snel het idee van circus bij hem op, zegt hij. “In het stuk is de dreiging lijfelijk aanwezig in de rivaliteit tussen de twee families: er wordt gedreigd, er wordt gevochten en die dreiging wordt door Romeo en Julia getrotseerd. Dat wilde ik voelbaar maken. Niet met een toneelzwaardje, maar echt.” Precies daarin verschilt circus van theater. In het theater kan een acteur wel spelen dat hij dood is, het publiek weet dat dat niet waar is. Maar als een acrobaat uit een trapeze klettert, is dat wel degelijk echt.

Zo kwam Ligthart Schenk uit bij TENT. Rode draad van de jonge circustheatergroep is de verbreding en verdieping van het circus, vertelt Hanneke Meijers, een van de oprichters van TENT. “Niet een serie trucjes in een tent, maar verhalende, theatrale en dansante elementen eraan toegevoegd.”

Daarom wilde de groep graag aan ‘Romeo en Julia’ meewerken: “In onze eigen voorstellingen proberen we emotie op te wekken met behulp van abstracte beelden. Teksttheater hadden we nooit eerder gedaan. Het is een interessante vraag hoe je die beeldende taal van Shakespeare en de abstracte beelden die wij maken op elkaar aan kan laten sluiten.”

Meijers en Ligthart Schenk zochten samen naar manieren om de emoties in het stuk uit te vergroten via de fysieke bijdrage van de twee acrobatiekkoppels en de ‘Chinese pole’-specialist van TENT. Zoals wanneer Romeo en Julia elkaar voor het eerst ontmoeten en de twee acrobatenkoppels op de achtergrond elkaar op verschillende manieren tillen en laten vallen. Zo wordt niet alleen de liefdevolle eerste ontmoeting gespiegeld, maar ook het potentiële gevaar daarvan. En, als een van de vrouwelijke acrobaten slap over de schouder van haar mannelijke collega gaat hangen, ook de dreigende dood van de geliefden. Als de vechtersbazen van de rivaliserende families op het plein rondhangen of hun tegenstanders te lijf gaan, is het stoere slingeren, klimmen en ondersteboven hangen in een paal door de Chinese Pole-acrobaat een extra verbeelding van de verhoogde testosteronspiegel.

Het was de kunst om toneel en acrobatiek echt te vermengen om de kracht van beiden te vergroten. Een plus een moest drie worden. Meijers: “Onze bijdrage moest meer zijn dan een trucje of een mooi plaatje op de achtergrond.” Daarom spelen de acrobaten ook personages en rennen, springen en klimmen de acteurs net zo goed energiek in het decor.

Om bij drie uit te komen puzzelden de twee eerst uit waar de overlappingen tussen circus en tekst zouden kunnen zitten. Meijers: “Als ik begreep wat Ingejan precies wilde zien, zocht ik voorbeelden van acts op video. Dat leverde een enorme kaartenbak van mogelijkheden op.” Met haar acrobaten besprak ze die trucs vervolgens op haalbaarheid. Ook onderzochten ze de speeltuin die het decor is op mogelijkheden. Ze repeteerden acts en toonden die vervolgens aan Ligthart Schenk die daar dan wat mee kon.

Ligthart Schenk: “Verschillende momenten in het stuk vragen om een andere bewegingskwaliteit. Verliefde mensen willen de hemel aanraken, dus zoek je naar een verticale beweging. De dood vraagt om verstilling.” Meijers: “Dan kwam de vraag: ‘Kan die salto ook langzamer?’ en dan zochten wij uit of dat kon.”

Soms botsten de verschillende manieren van repeteren. Tekstrepetities zijn soms een langzaam proces van wachten en eindeloze herhaling. Ligthart Schenk: “Dan kreeg ik te horen: ‘De acrobaten worden koud!’” Tegelijkertijd, zegt Meijers, spelen er in circus en theater dezelfde dingen. “De vragen waar acteurs en acrobaten mee zitten, zijn soms precies hetzelfde: wanneer moet ik op, wanneer zet ik in, wanneer neem ik over?”

De samenwerking tussen de verschillende talen is een mooie metafoor voor hoe hij hoopt dat het publiek straks naar de voorstelling kijkt, zegt Ligthart Schenk. “Theater raakt het meest als het je meevoert naar een plek waarvan je nog niet wist dat hij bestond. Dat gold ook voor onze samenwerking. We moesten openstaan voor een nieuw gebied, waarvan we beiden nog niet wisten wat daarvan de regels waren.”

foto: Ben van Duin

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.